Kinderwoorddienst 15 januari 2012
Vandaag leerden we het verhaal “DE ROEPING VAN SAMUEL “ kennen.

“Op een nacht sliep Eli op zijn gewone plaats. Zijn ogen waren zwak geworden en hij kon niet meer zien.
De lamp van God was nog niet gedoofd. Samuel sliep in de tempel, waar de ark van God stond. Ineens werd hij wakker.
- Samuel!
Samuel stond op en liep naar Eli.
- Hier ben ik, je hebt mij geroepen.
- Ik heb je niet geroepen, zei de oude priester, ga maar weer slapen.
Wat later dacht Samuel weer dat hij geroepen werd. Hij stond op en ging naar Eli.
- Hier ben ik. Je hebt me toch geroepen, zei hij.
- Maar nee, antwoordde Eli, ik heb je niet geroepen, ga maar terug slapen.
Dat gebeurde nog een derde keer. Samuel stond op en ging naar Eli.
- Hier ben ik. Je hebt me toch geroepen.
Toen wist Eli dat Samuel de stem van God had gehoord.
- Ga maar weer slapen, zei hij. Als je nog eens hoort roepen, zeg dan: ‘Spreek, God, uw dienaar luistert’.
Samuel keerde terug naar zijn gewone plekje.
- Samuel, Samuel! hoorde hij na een tijd.
- Spreek Heer, uw dienaar luistert, zei Samuel.
Toen werd alles duidelijk voor hem: God vond het niet goed dat de zonen van Eli zo’n slechte priesters waren.
Samuel sliep tot de morgen. Dan opende hij de poorten van de tempel. Eli kwam naar hem toe.
- Samuel, wat heeft God je ingefluisterd? vroeg hij. Wil het me niet verzwijgen alsjeblief?
Toen zei Samuel alles wat hij gehoord had, zonder iets te verzwijgen.
- Ik voel dat je in naam van God spreekt, zei Eli. Hij mag doen wat Hij goed vindt.
Na Eli beseften nog veel mensen dat Samuel geroepen was om een profeet te zijn, iemand die spreekt in naam van God.”
(Naar 1 Sam. 2-3; Bewerking: C.LETERME in Overhoop, januari 2012, p. 27)

Dit verhaal over Samuel is een roepingsverhaal. Het was dus niet de bedoeling van de schrijver om te schrijven wat er precies gebeurde, wel om aan zijn lezers/luisteraars duidelijk te maken dat Samuel een echte profeet was, iemand die in naam van God sprak.
We bespreken het verhaal en passen het toe op ons dagelijkse leven. Sommige kinderen geven voorbeelden uit de eigen leefwereld.
We luisteren naar het verhaal van Lien die uitgelachen wordt omdat ze in de klas een potje verf omstootte. Ze maakt op de speelplaats kennis met Tine die haar troost.
Maar we leren ook over mensen met speciale roepingen zoals Jeanne Devos die zoals Moeder Theresa haar roeping vervult in India. Ze zet zich in voor hulp aan de armen in de sloppenwijken in Bombay. In tegenstelling tot Moeder Theresa wil Jeanne Devos ook het systeem van armoede, ongelijkheid en andere misstanden voorkomen.

Een andere persoon die een buitengewone roeping had was Martin Luther King. Hij leefde in Amerika en als zwarte in die tijd leed hij sterk onder de rassendiscriminatie. Hij gaf een toespraak met de woorden “I have a dream”. Hij zette zich geweldloos in tegen de rassenscheiding in de Verenigde Staten.
Nog een persoon die we ook goed kennen en die dit ook deed maar dan in Zuid Afrika was Nelson Mandela.
Op verschillende niveau worden mensen geroepen. Zo is er nu een groep wetenschappers op Antarctica bezig met het zoeken naar oplossingen voor de klimaatproblematiek. Eén daarvan is Koen Meirlaen, hij is leraar in St Hendrikscollege in Deinze en heeft voor 3 maanden zijn klas en lesgeven geruild om in het kader van het AHA-project projecten op de Zuidpool uit te voeren nabij het Princess Elisabeth station. Het is daar nu putje zomer maar het vriest bijna altijd -15°. Een ganse opgave om je familie, vrienden, collega’s en leerlingen zo lang te moeten missen en in die ijskoude weersomstandigheden te moeten werken.