Driekoningen - Openbaring van de Heer
 7/8 januari 2012 jes.60,1-6 en mt.2,1-12
 | Lieve mensen,
Het verhaal van de drie wijzen uit het Oosten, het hoort bij het kerstverhaal. Zozeer dat wanneer je het niet hebt gehoord je het gevoel krijgt iets gemist te hebben. Het zal wel te maken hebben met de romantiek bij het kerstgebeuren: de koude stal met de os en de ezel, het kindje in de kribbe, de herders op het veld die komen kijken, de ster en die drie koningen op kamelen die van zo ver komen ... het spreekt allemaal tot de menselijke verbeelding. Folklore, ja, maar eigenlijk is het een heel modern verhaal. Ik hoop dat het ons daarom juist kan intrigeren
Laat ons even op weg gaan: de wijzen uit het Oosten zijn heidenen, anders-gelovigen, maar in hun gedrag en in hun levenshouding zijn ze zeer 'bijbels'. Zoals Abraham hebben zij hun land en hun familie verlaten zonder te weten waar ze zouden uitkomen. Ze zijn als het ware op 'uittocht', op zoektocht; zoals ook wij moderne, gelovige mensen zoekende zijn, voortdurend onderweg. Zoals Willem Vermandere in zijn liedjes zoveel keren aanhaalt. Je bent heel je leven onderweg, als een zwerver, een zigeuner, rusteloos ronddolende zielen omdat ze geen teken, geen ster meer zien die hun leven richting wijst.
Maar vooraleer daar dieper op in te gaan, misschien even wijzen op het positieve van het 'onderweg-zijn' van de drie wijzen, en ook van ons moderne gelovigen. Er is een groot contrast tussen de wijzen enerzijds en Herodes met zijn hogepriesters en schriftgeleerden anderzijds. De wijzen gaan "een andere weg". Hun weg is anders, alleen al door het feit dat ze inderdaad op weg gaan. Herodes en zijn kompanen willen liever blijven waar ze zijn, houden wat ze hebben. Ze hebben er geen behoefte aan op zoek te gaan, misschien omdat ze menen alles al gevonden te hebben. Ook vandaag de dag heb je Herodessen, mensen ( binnen en buiten de kerk) die je niet meer in beweging kunt krijgen, veilig gesetteld en genesteld als ze zijn in bezit, functie en zekerheden.
Laat de crisis in onze Kerk ons misschien wakker geschud hebben met de dringende oproep op tocht te gaan, op zoek naar de zin van ons leven en van ons geloven. Als gelovige ben je net als Abraham om de zanger Stef Bos te citeren 'altijd onderweg' tussen de liefde en de leegte.
In het verhaal zijn er drie elementen die de wijzen in beweging brengen en gaande houden op hun tocht: de ster, de Schrift en de droom. Het zijn drie tekens waar ze niet om gevraagd hebben, maar gekregen.
De wijzen stellen vragen; ze gaan zoals de moderne mens op zoek naar de zin van het leven. Voor hen geen pasklare antwoorden, geen eeuwig geldende systemen en in die zin gelijken ze sterk op ons. Ze speuren naar tekens die hen in hun leven de goede richting kunnen wijzen. Daarvoor staat de ster. Waarbij volgende bedenkingen (eerst de negatieve): sterren kun je maar zien als het echt donker is. Wijzelf zijn omringd door zodanig veel lichten die we zelf hebben ontstoken dat we a.h.w. verblind zijn in ons zoeken. Niet gemakkelijk dus in onze tijd om het echte licht van het vele dwaallicht te onderscheiden. Maar je kunt dit ook positief invullen. Een ster brengt licht in de duisternis en geeft richting aan. Af en toe gaan we door een ‘nacht'-ervaring. Wel, misschien ontdek je juist op zo'n moment een ster, iets dat zin en richting geeft aan je leven. De nacht is nooit helemaal zwart. Laat dit ons hoopvol stemmen.
Wat de wijzen ook in beweging zet is de Schrift. De wijzen zijn bereid te luisteren naar de geloofservaring uit het verleden zoals verwoord in de Bijbel. Voor hen zijn anderen al de weg van het geloof gegaan, anderen hebben tekens en bakens uitgezet. Laten wij dat op onze zoektocht niet vergeten. Voor ons hebben mensen ook gezocht én gevonden. Wat zij hebben neergeschreven nemen we mee als bagage, of als kader om je eigen levensverhaal in te plaatsen.
En last but not least, de wijzen kunnen nog dromen. Het verhaal is voor hen niet afgesloten. Er kan nog iets nieuws gebeuren. Ze staan open voor de droom van Godswege. Ze hadden kunnen zeggen: "we hebben ons doel bereikt, het kind gevonden, cadeaus afgegeven, nu is het gedaan." Maar nee hoor, God zendt hen opnieuw op weg, weliswaar langs een andere weg maar in zich meedragend de droom van een betere wereld. Voor ons is het ook belangrijk dat we nog dromen hebben of kunnen en mogen gaan voor onze dromen; zoniet verliest het leven elke zin. Durven, mogen wij nog dromen? Laten wij die droom van God op een betere wereld nog toe? Of hebben de Herodessen onder ons alle dromen al stukgeslagen door ze af te doen als naïef, als niet realistisch; of liggen ze bedolven onder bezit, macht of geld? De ster, de Schrift en de droom: mogen die ook ons zoals de wijzen eertijds de weg wijzen op onze levenslange zin-zoektocht. Amen.
|