Linker beuk

LINKERBEUK
In de linkerbeuk vinden we van de passiekapel tot de ingang:
1. DE HEILIGE FAMILIE
Beeld van de neogotische kunstenaar Mathias Zens, schenking van Mr.Charles Vercruysse en Mevr.Sophie-Marie Goethals ter gelegenheid van hun 50e huwelijksverjaardag. De opdracht luidt: “verlicht ons heer door de voorbeelden uwer familie”

Erboven een glasraam (1906) met twee lancetbogen: de bruiloft van Canaan boven, Jezus leert in de tempel onder, waarschijnlijk gemaakt door de firma Gus-Ladon. De tekst luidt “Dixit eis Jesus impulest bruga agua” (?) met eronder de schenkers: DDD Georgius Vercruysse Burgo Magister Curtracis uxor eius Gab.Jacobs

Links en rechts van het beeld hangen schilderijen van vooral de Brugse kunstschilder Jan Garemijn ,barok geïnspireerde ovalen doeken (92 x 72 cm) van ca. 1770
Het werk is vol leven en volks, het koloriet is krachtig en harmonisch.

Van links naar rechts onderscheiden we:
Sint-Elooi wijdt de Sint-Maartenskerk
Drie doden opgewekt door Sint-Maarten
Sint-Elooi ontvangt de opdracht van koning Dagobert
Synode gehouden door H.Eleutherius

2. DE GOEDE HERDER

Rechts van een gelijkaardige 18 e eeuwse biechtstoel als in de rechterbeuk (werk van de Kortrijkse J.B.Lemaistre met voorstelling van Augustinus of Carolus Borromeus) hangt een schilderij van J.B.Van Moerkerke, Kortrijk, ca.1686:”De Goede Herder” (224 x 108,5 cm). Dit schilderij,dat in 1768 in de kerk kwam toont ons de slanke herdersfiguur, gehuld in een rode mantel, voor een vierde naakt, met de kruisstaf in de linkerhand en het weergevonden lam op de schouders. Bovenaan, in de wolken, houdt God de Vader een banderol met de spreuk “Ego sum Pastor bonus”, waaronder wij de H. Geest in de vorm van een duif bemerken. Het decor is een Italiaans geïnspireerd landschap, met vooraan, en aan de voet van Kristus, een stal met een groep schapen.

3. TRIPTIEK
Triptiek (schilder en datum onbekend) met Piëta, links Maria met kind en rechts vermoedelijk Johannes, de lievelingsleerling

4.GRAFPLAAT
Rechts naast de kaarsenverkoop een tekst:

Licht
Laat mij, Heer
voor U
deze kaars
aansteken.

Om U te vragen
voor mij
het licht te zijn.

Om U te vragen
bewaar in mij
dit licht
tegen alle aanvechtingen
van de wind.

Om van U te leren
dat licht maar wordt geboren
uit het smelten van het was.

Om U te zeggen
hier was ik
hier woon ik,
ik dacht aan U
wil dan ook
mij gedenken

(Dietrich Bonhoeffer +1945)

De epitaaf (grafplaat in gedreven koper) heeft laatgotische letters: in Engeland zijn nog zo’n 4000
dergelijke grafplaten bekend, in Europa slechts 400, waarvan een tiental in West-Vlaanderen.
De koperen plaat werd op 4 december 1978 aangetroffen in de muur van de zuidelijke zijbeuk, meer bepaald in de derde travee rechts van het noordportaal; ze was aan het gezicht onttrokken door een biechtstoel en werd ontdekt n.a.v. restauratiewerken van het kerkinterieur. In feite gaat het hier niet om een grafzerk; wij hebben te doen met een epitaaf, een gedenkteken in de vorm van een muurplaat aangebracht ter gedachtenis van een overledene. Het stuk bestaat uit twee gedeelten. In de bovenhelft treffen wij een memorietafereel aan. De centrale zittende figuur is een O.L.Vrouw met kindje Jezus. Tot haar wordt een smeekbede gericht (“intercessiemotief”). Links en rechts bevinden zich op de voorgrond de aflijvige en zijn echtgenote, resp. Jan van den Berghe en Katarina Raets. Op de achtergrond staan hun patroonheiligen. Links van de knielende man staat Johannes de doper met gekruld haar, baard en een “Lam Gods” in de rechterhand. Rechts van de vrouw herkennen wij de H.Katarina aan het zwaard (in de hand) en het gebroken rad (aan de voeten). Ze draagt een kroon en heeft een wijde mantel boven haar kleed. Het tafereel bevat een duidelijk intercessiemotief in de vorm van een banderol of spreukband. De legende “Omater Dey memento me Mey”, d.w.z..- “O Moeder Gods, gedenk mij”, verwijst naar Jan van de Berghe. Bij Katarina Raets vinden wij “Ave Maria, gratia plena, Dominus tecum”, d.w.z. “Wees gegroet Maria, vol van genade, de Heer is met U”. Het doel van de plaat gaat dus verder dan alleen maar het gedenken van de overledene(n); ze bevat ook duidelijk een smeekbede, een vraag om bemiddeling en voorspraak. In de linkerbovenhoek zien wij het wapenschild van de overledene: een keper en drie schelpen. In de onderhelft treffen we een uitvoerige tekst van 8 regels aan, voorzien van talrijke afkortingen (tussen haakjes voluit geschreven): Hier voren licht begrav(en) Simoe(n) va(n) den Berghe en(de) staerf int jaer ons Heeren .M.CCCC.XXXIIJ. den derden dach in octobere En(de) jonffe(re) Magriete van Caloen zijn eerste wiif was en(de) staerf int jaar .M.CCCC.ende .XVIJ. den XIJen dach in aprille En(de) Jan va(n) den Berghe haerleder beeder zone die staerf int jaer .M.CCCC.ende LXI. den eerste(n) dach in septembre En(de) Katelijne Raets Jans wiif vorseyt en(de) staerf int jaer M.CCCC. ende LXIJ. den Ven dach in maerte In zakelijk hedendaags Nederlands: Jan van den Berghe (+ 1 sep 1461), zoon van Simon (+ 3 okt 1433) en diens eerste vrouw Magriet van Caloen (+ 12 apr 1417) , was gehuwd met Katelijne Raets (+ 5 mrt 1462). Wat leert de koperen memorieplaat ons over de afgestorvenen? Het aanbrengen van de plaat in de stedelijke Sint-Maartenskerk toont aan dat Jan van den Berghe een man van aanzien was en op een of andere wijze met de kerk vertrouwd. Uit een oorkonde van 18 januari 1446 vernemen wij inderdaad dat Jan met geld en ten voordele van het koor van de Sint-Maartenskerk, een hofstede in Kortrijk en een jaarrente had gekocht. Hij deed dit samen met zijn vrouw Katarina. De aflijvige was dus een man van status en aanzien. Hij was clericus, bezat het poorterschap van de stad en mocht een wapenschild dragen, dat in de linkerbovenhoek afgebeeld werd. Als gevolmachtigde trad hij op in naam van de kerk en onderschreef hij de koopakte van een hofstede en rente. Het feit dat hij, of zijn naverwanten, in staat waren een zeldzame zerk van een dergelijk kunstgehalte te plaatsen in de grootste kerk van de stad, laat vermoeden dat hij zeer begoed was. Wat de datering betreft, op de onderste 3 regels van het tekstgedeelte is duidelijk te zien dat de overlijdensdatum van het echtpaar later ingevuld werd. Het gebruikte lettertype is kleiner en op het origineel herkennen wij nog de resten van een rode invulstof. Daar Jan en Katarina resp. overleden zijn in 1461 en 1462, moet de plaat nog tijdens hun leven gemaakt zijn. Anderdeels waren zijn ouders reeds gestorven, vader in 1433, moeder in 1417. Het voorwerp moet ná 1433, ten laatste vòór 1462 vervaardigd zijn. Een datering omstreeks 1450 lijkt dan ook de meest aanvaardbare.
5.ONZE-LIEVE-VROUW
Links hangt een gedenkplaat met inscriptie: “Sepulture van dheere Jan, sone van Adriaen de Grytscher F Jacop Rogiers zonde f’Rogiers ende van jongvr Catherina van Casteele f’ Jan Hughes zone f’ Fermont zijne moeder in zijnen tyt burghmre deser stede die overleet den 12 ianuari 1603 ende jongvr Magdeleende pollet zijn huisvr f’ ioos perchevaels zone f’ ioos ende iongvr magdeleende quackelbeen f’ caspar hem moedere die overleet den 6 februari 1391 bidt voor de zielen
In de kast (muurkastje in gepolychromeerd hout (1884) van Victor Acke (1864-1953)? OLV met stralenkrans
Op het glasraam erboven OLV Boodschap, in 1906 gemaakt door de Heer Gustave Ladon en gegeven door Juf.Euphrasie Coucke.In 1924 voor 6030 fr door Gustave Ladon gerestaureerd.

6. KRUISDRAGING en FIACRIUS

Het oudste bewaarde schilderij van de kerk is de kruisdraging (141 x 166 cm) van Bernaerd De Rijckere (Kortrijk ca.1535-Antwerpen 1590), waarover van Mander met veel lof spreekt en zegt dat het nochtans vroegh van hem ghedaen was. Inderdaad, Bernaerds vader, Dieric de Rijckere, edelsmid, deken van de rederijkerskamer “De Cruysbroeders” gaf in 1560, het laatste jaar van zijn dekanaat, zijn zoon opdracht het werk te schilderen, bestemd tot versiering van genoemde rederijkerskamer.
Jesus valt onder het kruis, Veronica houdt geknield een doek om het bezwete gelaat van haar goddelijke meester af te drogen. Deze twee hoofdfiguren missen verhevenheid en dramatisch gevoel. Buiten Simon van Cyrene en een paar soldaten rond het kruis, zijn de krijgsknechten vrij onbewogen, bijna ongeïnteresseerd: zij figureren als toeschouwers. Het tafereel, eigenlijk “Val onder het kruis”, speelt zich af in een ondoorvoeld landschap . Midden onder, naar rechts toe, op steen, lezen we: “B.D.RYKERE/ FACIEBAT/1560”
Het beeld “H.Fiacrius” toont de heilige in bruine pij met spa in de linkerhand; de rechterhand houdt hij zegenend boven een kind. Fiacrus was een Ierse monnik die in de 7e eeuw Frankrijk kwam missioneren: hij is patroon der tuiniers.
Op zijn feestdag (21augustus) werd in 2004 een bloementapijt voor de kerk gelegd:
Boven: brandraam ‘verschijning van Christus aan H.Margaretha Alacocque” met inscriptie Crux eve Carmeli, dono dedit familiae Delepaul-Vanaerde”. Margaretha werd zaligverklaard in 1864 en heilig in 1924. Ze behoorde tot de orde v.d. visitatie, vandaar Theresia van Lisieux met de rozen. Brandraam gemaakt door Ganton-Defoin uit Gent.
7. BEELDEN+PLATEN

Achteraan staan een aantal neogotische gepolychromeerde beelden:van links naar rechts St.Jacob,Theresa (ca 1929), Jozef+Jezus (1871),St.Antonius.
Naast een gedenkplaat voor dom de Lannoy en een missiekruis van Victor Acke (1917) met de 4 punten: hemel, oordeel, hel en dood hangt een (nauweljks leesbare) gedenkplaat voor ene Coucke, die een “rente van brood schenkt voor behoeftige lieden”
naar Sint-Maartensparochie terug naar Sint-Maartenskerk