Maria Tenhemelopneming 15 augustus 2004

Een psalmische hertaling van het Magnificat door H.Oosterhuis op tonen van B.Huybers


* Ie-de-re tijd op-nieuw gaat zijn ge-na- de naar al-len

die eer-bie-dig met Hem le-ven,want ge-wel-dig is mijn God.

Ik zing van ganser harte voor de Heer, ben opgetogen om mijn God en Red - der
Want Hij had oog voor mij, zijn diena-res, maar wie ben ik dat Hij mij heeft ge-vraagd
Nu mag ik mij voortaan gelukkig prij-zen, dat Hij zo grote din-gen aan mij deed.
En al- le eeuwen stemmen met mij in, de Heer is machtig+zijn naam is hei - lig. *
Ge- na- de is zijn kracht,maar alle hoog-moed, al onze eigen waan ont-mas-kert Hij.
Al-le macht-hebbers stoot Hij van hun tro-nen, arme en kleine men- sen maakt Hij groot.
Wie hon- ger hebben geeft Hij o-vervloed, de rijken stuurt Hij heen met le-ge han - den. *
Al- tijd is Hij zijn woord nog trouw ge-ble-ven, altijd bezorgd om Isra-el zijn dienst - knecht.
Zo had Hij het beloofd aan onze Va- deren, aan Abraham en aan zijn volk voor- goed.
Eer aan de Vader,aan de Zoon en aan de Geest, nu en altijd,door al de eeu- wen. A - men. *
* = antifoon