DINSDAG 22 maart 2011

abdij Westvleteren

De bekering bestaat erin
zich terug te wenden naar Christus en zijn evangelie,
zoals men terugkeert naar een geliefde
die men uit het oog verloren was
en een tijdlang had verlaten.

Christenen wenden zich tot Christus omdat zij weten,
zelfs al weren ze het een tijdlang vergeten,
dat zij bij Hem woorden kunnen plukken die leven geven.
Zij worden zich weer bewust van de trouw
die hen aan Christus bindt, wiens naam zij dragen.
Ze beseffen dat ver van het evangelie
de wegen van hun bestaan verloren lopen,
en, vooral, zich verwijderen van de vreugde.

Deze bekering duurt heel wat langer
dan de Vastentijd!
Door deze bekering worden
alle verborgen gebieden,
-waar iedereen brandt van verlangen,
zijn plannen en daden voorbereidt
en zijn oordelen en uitspraken opmaakt-
terug in kaart gebracht.

Allen die zulke bekering in hun leven toelaten
kunnen er zeker van zijn:
gestaag en geduldig en voortdurend opnieuw
zal heel hun wezen veranderd worden.
Op het licht gericht.
Opgestaan.
Jesaja 1,10.16-20
10 Hoor de woorden van de HEER, leiders van Sodom,
geef gehoor aan het onderricht van onze God, volk van Gomorra.
16 Was je, reinig je,
maak een eind aan je misdaden,
ik kan ze niet meer zien.
Vermijd alle kwaad
17 en leer goed te doen.
Zoek het recht, houd tirannen in toom,
bied wezen bescherming, sta weduwen bij.
18 De HEER zegt: Laten we zien wie er in zijn recht staat.
Al zijn je zonden rood als scharlaken, ze worden wit als sneeuw,
al zijn ze rood als purper, ze worden wit als wol.
19 Als je weer naar mij wilt luisteren,
zal het beste van het land je ten deel vallen.
20 Als je koppig bent en niet wilt luisteren,
zul je vallen door het zwaard.
De HEER heeft gesproken.
Matteüs 23,1-12
1 Daarna richtte Jezus zich tot de menigte en tot zijn leerlingen
2 en zei: ‘De schriftgeleerden en de Farizeeën hebben plaatsgenomen op de stoel van Mozes.
3 Houd je dus aan alles wat ze jullie zeggen en handel daarnaar; maar handel niet naar hun daden, want ze doen zelf niet wat ze jullie voorhouden.
4 Ze bundelen alle voorschriften tot een zware last
en leggen die de mensen op de schouders, terwijl ze zelf geen vinger uitsteken om die te verlichten.
5 Al hun daden zijn erop gericht om door de mensen gezien te worden. Ze verbreden immers hun gebedsriemen en maken de kwastjes aan hun kleren langer,
6 ze verlangen een ereplaats bij feestmaaltijden en in synagogen,
7 en hechten eraan op het marktplein eerbiedig te worden begroet en door de mensen rabbi te worden genoemd.
8 Jullie moeten je niet rabbi laten noemen, want jullie hebben maar één meester, en jullie zijn elkaars broeders en zusters.
9 En noem niemand op aarde vader, want jullie hebben maar één vader, de Vader in de hemel.
10 Laat je ook niet leraar noemen, want jullie hebben maar één leraar, de messias.
11 De belangrijkste onder jullie zal jullie dienaar zijn.
12 Wie zichzelf verhoogt zal worden vernederd, en wie zichzelf vernedert zal worden verhoogd.

De bijbelteksten zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling,© Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, 2004.
gedachte van de dag van Taizé terug naar vasten