Mattheus
in de bijbel volgens het eerste evangelie de naam van een tot apostel geroepen tollenaar (Matt. 9:9; 10:3). Bij Marcus (2:13) en Lucas (5:27) heet deze tollenaar echter Levi en komt deze laatste naam in hun apostellijsten niet voor, wel Matteüs (Marc. 3:18; Luc. 6:15; Hand. 1:13). Het eerste evangelie identificeert dus de tollenaar Levi met een van de twaalf, mogelijk om een roepingsverhaal van de schrijver in het geschrift te hebben. Volgens Papias (ca. 130 n.C.) ‘heeft Matteüs de uitspraken in de Hebreeuwse taal samengevoegd en een ieder vertaalde die zo goed hij kon’ (Eusebius, Hist. Eccl., III, 39, 16). Deze traditie heeft wel geleid tot de veronderstelling dat Matteüs oorspronkelijk een evangelie in het Aramees zou hebben geschreven. Hij zelf, of een ander, zou dit dan later in het Grieks hebben vertaald, daarbij gebruik makend van het Marcus-evangelie. Velen echter hechten aan deze traditie van een oorspronkelijk Aramees Matteüs-evangelie weinig waarde, m.n. omdat het eerste evangelie duidelijk Marcus als uitgangspunt heeft. In de beeldende kunst wordt Matteüs als evangelist vaak voorgesteld achter een schrijftafel, met de hand van God boven zijn hoofd (teken van inspiratie); als zijn symbool is vaak aanwezig de gevleugelde mens. Als apostel wordt hij dikwijls afgebeeld met een zwaard of een bijl. © Encarta® - Encyclopedie. 1993-2002 Microsoft Corporation/Het Spectrum.

naar Sint-Maartensparochie terug naar Sint-Maartenskerk